Contact
Diploma-eisen
Zwem-ABC
  
Logo NPZ Scholing & Training

Logo Nationaal Platform Zwembaden | NRZ

Logo Nationaal Platform Zwembaden | NRZ



Verminderd gehoor (slechthorendheid) bij zwemmen?
     
  Wat is
verminderd horen / slechthorendheid


Tot de categorie verminderd horen / slechthorendheid behoren kinderen met verminderde waarneming van geluid en slechter verstaan van spraak.
Verminderd horen betekent::
  • Minder horen
  • Anders horen, namelijk vervormd en verminkt
  • Geluiden krijgen een beperkte betekenis

Invloed van verminderd horen

Verminderd horen heeft invloed op:

  • De cognitieve ontwikkeling.
    Door moeizaam op gang komen van een spraak- en taalontwikkeling, als gevolg van het minder of niet horen van stimulerende geluidsprikkels.
  • De sociale ontwikkeling.
    Door moeilijker contact met andere kinderen en de wereld om hen heen. Kinderen met deze handicap vinden het door de communicatieproblemen vaak zeer moeilijk om met andere kinderen in de buurt te spelen. Er is vaak onbegrip van andere kinderen daar uiterlijk geen gebrek te zien is aan slechthorende kinderen.
  • De emotionele ontwikkeling.
    De persoonlijkheidsontwikkeling van kinderen met verminderd genoor verloopt moeizamer, met als gevolg gevoelens van onzekerheid, onmacht en frustraties t.o.v. van zijn / haar omgeving.
  • De motorische ontwikkeling.
    Kinderen met verminderd gehoor worden door de onvolledige geluidsinformatie minder gestimuleerd om de wereld om hen heen te ontdekken. Vaak mogen ze van hun ouders niet buitenspelen, omdat ze het verkeer niet horen aankomen.
    Ze hebben een minder goed ontwikkelde ruimtelijke oriëntatie en lichaamsbeeld, wat dan weer problemen veroorzaakt in de motoriek en de lichaamsbeheersing.

Werking van het gehoororgaan

Door geluid (luchttrillingen) gaan de trommelvliezen die vooraan in de oorholte zitten meetrillen. Achter het trommelvlies zitten in het middenoor gehoorbeentjes die van een kleine trilling een wat grotere trilling maken. Een volgend botje, de stijgbeugel, zit vast aan een venster van het binnenoor c.q. slakkenhuis. Het slakkenhuis is gevuld met een dikke vloeistof en daarin zitten haartjes.
De trilling gaat nu door de vloeistof en de haartjes die in de vloeistof steken gaan mee naar links en naar rechts.
Dat kan het binnenoor meten en via de zenuwen doorgeven aan de hersenen en daar beseft men wat men hoort.

In deze lange weg van het geluid, vanaf de trilling in de lucht naar de hersenen, kunnen allerlei storingen optreden. Dat kan verminderd gehoor c.q. slechthorendheid, hardhorendheid of eventueel doofheid veroorzaken.

Vormen van slechthorendheid

Naar grootte van gehoorvlies:

  1. Licht slechthorend: 20 - 50 db gehoorverlies
  2. Matig slechthorend: 50 - 70 db gehoorverlies
  3. Zwaar slechthorend: 70 - 90 db gehoorverlies
  4. Doof: > 90 db gehoorverlies

In geval van lichte gehoorverliezen kunnen kinderen het normale zwemonderwijs volgen. Een bepaalde mate van sociale weerbaarheid en zelfredzaamheid zal zeker in het voordeel van deze leerling zijn.

Naar locatie van de stoornis:

  1. Geleidingsslechthorendheid.
    Dit minder goed horen komt door slechte luchtgeleiding in de gehoorgang of middenoor als gevolg van
    Oorsmeerprop in de gehoorgang.
    Vocht in het middenoor door oorontsteking, vaak ten gevolge van verkoudheid.
    Niet goed functioneren van de buis van Eustachius vanwege vergrootte amandelen. Herhaalde en / of verwaarloosde middenoorontstekingen.
    Beschadigde gehoorbeentjes (*) in middenoor.
  2. Waarnemings- of perceptieslechthorendheid.
    Dit minder goed horen komt omdat het geluid niet goed doorkomt en tevens vervormd wordt als gevolg van:
  3. Een stoornis in het slakkenhuis.
    Een stoornis in de zenuwbanen naar de hersenen.
    Een stoornis in de hersenen zelf.
  4. Oorzaken: aangeboren of verworven door bijvoorbeeld de ziekte rode hond, infectieziekten, hersenletsel of als gevolg van complicaties bij de bevalling.
  5. Gemengde slechthorendheid.
    Bij deze gehoorstoornis is de luchtgeleiding meer gestoord dan de beengeleiding.

Tips voor zwemlesgevers

  • Zorg dat de kinderen altijd jouw mondbeeld goed kunnen zien ten behoeve van het liplezen c.q spraakafzien. Zo kunnen ze bij wijze van spreken zo de woorden van je lippen lezen.
    Laat dus geen snor de mond bedekken.
  • Houdt uitleg en instructie kort. En gebruik heel simpele taal om het communicatieprobleem te beperken.
  • Bij uitleg (horen) zorgen dat de kinderen de lesgever aankijken (liplezen).
  • Brildragers, in het water vak zonder bril, verstaan de lesgever minder omdat het liplezen (deels) vervalt.
  • Laat met het hoofd boven water oefenen. Een lesgever is in een zwemzaal toch al moeilijk te verstaan, omdat de gehoorgang gedeeltelijk is gevuld met water.
  • Spreek als lesgever niet te snel en articuleer goed.
  • Zet slechte hoorders vooraan bij verbale uitleg.
  • Ondersteun je gesproken taal met tekens c.q. natuurlijke gebaren (gebarentaal).
  • Maak gebruik van visuele ondersteuning bij opdrachten. Geef zelf of door anderen praktische voorbeelden. Zet de leerling achter een goede leerling die dan als voorbeeld dient. Of maak gebruik van visuele hulpmiddelen zoals video, foto's, tekeningen e.d.. Immers veel leerlingen gaan hun gehoorverlies visueel compenseren.
  • Waar nodig de leerlingen tactiel begeleiden bij het aanleren van nieuwe (deel-) bewegingen, om de onvolledige geluidsinformatie te compenseren.
  • Geef complimentjes als opdrachten goed begrepen en / of uitgevoerd zijn. Alleen al met mimiek kun je kinderen ongelooflijk goed benaderen en belonen.
  • Zelfs de kleinste stapjes moeten al beloond worden. Dit is voor leerlingen met deze handicap een extra motiverende factor om door te gaan met zwemlessen.
  • Omdat het leren van zwemvaardigheden in veel gevallen langer duurt, zullen de opdrachten veel herhaald moeten worden opdat de leerlingen met gehoorstoornissen toch een succesbeleving ervaren. Heb dus veel geduld.
  • Omdat de mogelijkheid tot corrigeren / bijsturen van de zwemtechniek door de handicap(s) beperkt zijn, zul je als lesgever inventief te werk moeten gaan om het leerproces te kunnen blijven beïnvloeden.
  • Geef aan niet al te grote groepen les opdat je tijd en ruimte hebt voor de kinderen met verminderd gehoor.
  • Breng duidelijk veel vaste structuur aan in je lessenreeksen. Laat bijvoorbeeld zoveel mogelijk dezelfde organisatiestructuren terugkeren zodat er geen verbale uitleg aan besteed hoeft te worden.
  • Er is uiterlijk geen gebrek te zien aan slechthorende kinderen. Daarom worden ze vaak geconfronteerd met onbegrip van medeleerlingen in de groep. Daarom verdient het aanbeveling dat ouders van kinderen met verminderd gehoor voor de aanvang van de lessen aan de (wisselende) lesgever duidelijk maken dat het kind deze handicap heeft.
  • Bij onderdompeling van oren en ogen kunnen bij kinderen met gehoorproblemen soms evenwichts- en coördinatieproblemen ontstaan.
  • Met het evenwicht, de balans, hebben kinderen met gehoorstoornissen gemiddeld meer problemen door eventuele schade aan het evenwichtsorgaan dat zeer dicht tegen het oor aanligt.
  • Met een gehoortoestel zwemmen is uitgesloten omdat deze apparaatjes nooit waterdicht zijn.
  • Voor lesgevers lijkt een slechthorend kind vaak rusteloos, terwijl het kind in feite alleen maar kijkt naar alles wat beweegt om de ("onveilige") ruimte rondom te leren kennen.
  • Bij het aanleren van zwembewegingen kan er bij slechthorende kinderen geen geluidsterugkoppeling plaatsvinden. Ze weten bijvoorbeeld niet op die manier dat ze met hun voeten spatten bij borstcrawl beenslag zwemmen.
  • Doe de Nationale Hoortest om uw eigen gehoor te testen!
    Nationale Hoortest
    (EUR 0,35 pm)

Voor meer informatie

  • Dr. L.B.W. Jongkees e.a., "Codix Medicus", Elsevier Amsterdam, 8e dr. 1985. ISBN 90-10-05671-6.

  • Nederlandse Vereniging Voor Slechthorenden
    www.nvvs.nl

  • www.hoorstichting.nl
   
  
Hier kunt u de titels van de ZID-collectie vinden.

ZID's
Agenda Tips

Studiedagen / conferenties / beurzen e.d. die de nieuwste ontwikkelingen verhelderen of er richting aan geven

Oude foto's, oude afbeeldingen en / of oude teksten over "het bewegen in water".

Zwem-
slogans

Zegswijzen rond "het bewegen in water".

Zid's besprekingen van nieuwe aanwinsten
Alle nieuwe aanwinsten
van het ZID worden hier besproken!

Hoe het ZID te bereiken is
De juiste weg naar het ZID!
 

Het ZID is onderdeel van het Nationaal Platform Zwembaden | NRZ en het is gevestigd in Driebergen.
Openingstijden: maandag t/m donderdag van 9.00 tot 17.00 uur, vrijdag van 9.00 tot 12.00 uur.
Wij stellen het op prijs waneer u bij bezoek tevoren een afspraak met ons maakt.
Postadres: Postbus 119, 3970  AC  Driebergen. Tel. 0343-518118. Fax 0343-531080. E-mail zid@npz-nrz.nl .
Internet-site: zid.npz-nrz.nl en / of www.zweminfo.org 

Het ZID is niet verantwoordelijk voor de inhoud van externe sites.